| Other information |
A.C.Pijnacker is woonachtig te Dordrecht
OVERZICHTSTENTOONSTELLING
HERMAN VAN ZEGGEREN (1916-1996)
Van 7 april tot 6 juli 2006 kunnen bezoekers van de rechtbank Dordrecht
de tentoonstelling bezichtigen van mr. H. van Zeggeren, oud president
van de rechtbank Dordrecht. De werken zijn tijdens werkdagen te bewonderen
op de tweede etage van het gerechtsgebouw.

De officiële opening van deze expositie zal verricht worden door
de president van de rechtbank, mr. R.J. Verschoof, op donderdag 6 april
2006 om 16.00 uur.
Initiator van deze tentoonstelling is de dochter van mr. H. van Zeggeren,
mw. C.E. van Zeggeren:
"Al geruime tijd liep ik met het plan rond een tentoonstelling te
organiseren van schilderijen en aquarellen van mijn vader, Mr. H. van
Zeggeren (1916-1996).
Het was niet moeilijk een collectie bijeen te brengen.Veel schilderijen
komen uit familiebezit en wij hebben ook particulieren bereid gevonden
schilderijen of aquarellen uit te lenen voor deze expositie. Wij danken
dan ook iedereen die thuis gedurende drie maanden tegen een lege plek
aan zal moeten kijken, voor hun groots gebaar. Mijn dank ook aan Ad de
Kool (Kunsthandel De Kool, Dordrecht), die mij hielp bij het inrichten
van deze tentoonstelling.
Naast zijn toga hoorde ook de oude regenjas vol verfvlekken bij mijn vader.
Als zijn drukke werkkring het ook maar even toeliet, was hij achter zijn
ezel in het atelier of buiten in de natuur te vinden.
Hij was lid van het Teekengenootschap Pictura en ik herinner mij namen
als Lou ten Bosch, Otto Dicke, Philip Kouwen, Hans Petri, Daan Mühlhaus,
Jaap Schlee e.a.
Van Daan Mühlhaus leerde hij met penseel en verf om te gaan. Hij
moest bomen schilderen in het park Dordtwijk; het werd "een vieze
bruine brij". Jaap Schlee leerde hem meer te abstraheren en niet
te "priegelen".
Na zijn pensionering in 1981 hing hij zijn toga aan de wand en werd de
oude regenjas steeds vaker aangetrokken. Bij hem geen groot leeg gat waar
sommige mensen in terecht komen na een intensieve loopbaan in de maatschappij.
De garage aan de Twintighoevenweg werd omgebouwd tot atelier, het oude
Etna potkacheltje uit zijn Leidsche studententijd geïnstalleerd en
vele uren was hij er aan het schilderen.
Zijn schilderijen zijn impressionistisch of zoals hij het zelf zei "
Ik laat de dingen op me inwerken en verwerk ze op mijn manier. Ik probeer
evenwicht te vinden tussen abstract schilderen en figuratief. Het gaat
om de essentie. Je benadert met schilderen een geheim. Door de voorstelling
te veel uit te werken benader je het geheim niet, maar leid je er juist
vanaf."
Bij een bezoek aan hem werd je eerst meegetroond via de keuken en dan
over het plaatsje naar het atelier: "kom even kijken, ik heb een
opzetje gemaakt voor een nieuw schilderij".
En dan kwam je in het atelier waar het rook naar verf en terpentine, het
palet vol kleuren en op de ezel een groot doek met vage vormen, maar waarvan
je voelde: "dit wordt mooi".
Zijn schilderijen hebben op vele exposities in binnen- en buitenland gehangen,
in galeries, musea en andere openbare ruimten, o.a. in Dordrecht, Breda,
Eindhoven, Gorinchem, Maastricht, Rotterdam, Sliedrecht, Sheffield (Eng.)
en Gloucester (Eng.), Veere.
En steeds weer werd men bij het zien van zijn schilderijen, getroffen
door zijn gevoel voor kleur en zijn verbondenheid met de natuur.Mijn vader
overleed in 1996, alweer bijna 10 jaar geleden. Zijn schilderijen zullen
herinneringen doen boven komen. Zijn liefde voor de natuur, zijn gevoel
voor schoonheid, het is er allemaal: waterkant, slootjes in de Biesbos,
rivieren, bloemenpracht en dan het fluitenkruid "teer, kwetsbaar
en maar even"."
|